Maastricht University Medical Center+: Scholing over functionele aanvallen hoort thuis in de opleiding

MUMC+ vertelt over het belang van praktijkgerichte scholing over functionele aanvallen voor de kinderverpleegkundige opleiding

Binnen de zorg voor kinderen met neurologische klachten is goede observatie essentieel. Maar wat gebeurt er wanneer een aanval niet epileptisch blijkt te zijn? Juist daar ligt een belangrijke uitdaging voor zorgprofessionals. De samenwerking tussen Leerhuis Epilepsie en de Academie van Maastricht University Medical Center+ (MUMC+) speelt hierin een belangrijke rol.
Margriet Fortgens, opleidingscoördinator binnen de Academie van MUMC+ vertelt over het belang van praktijkgerichte scholing over functionele aanvallen.

Margriet Fortgens coördineert opleidingen binnen de clusters ‘Acuut’ en ‘Moeder-Kind’, waaronder een deel van de opleiding kinderverpleegkunde. Maar voordat ze de overstap maakte naar Academie van MUMC+, werkte ze zestien jaar op de spoedeisende hulp. Praktijkevaring is belangrijk binnen de academie, op elk vlak. “Zo zoeken we in ons onderwijs bewust docenten uit het werkveld,” vertelt Margriet. “Mensen die dagelijks met patiënten werken en precies weten waar ze het over hebben. Daardoor wordt de koppeling tussen theorie en praktijk veel sterker.”

Epilepsie: een thema dat ertoe doet

De behoefte aan praktijkgerichte scholing vormde ook de basis voor de samenwerking met Leerhuis Epilepsie. Zij verzorgen scholing over functionele aanvallen (aanvallen passend binnen functionele neurologische stoornissen, FNS) verzorgd bij de academie, en koppelen dit aan scholings over epilepsie. Volgens Margriet is juist die combinatie waardevol. “Veel symptomen lijken op elkaar. Voor verpleegkundigen in opleiding is het belangrijk om te leren: waar kijk je naar, wat observeer je en hoe herken je verschillen tussen epilepsie en FNS?”

“Theorie blijft theorie als je het niet kunt toepassen in de praktijk. Leerhuis Epilepsie deelt ook praktijkervaring en maakt zo de juiste vertaalslag.”

Nuances vaak moeilijk uit een boek te leren

Margriet benadrukt het belang van de concrete praktijkvoorbeelden en observatievaardigheden die tijdens de scholing centraal staan. “Theorie blijft theorie als je het niet kunt toepassen op je patiënt,” zegt Margriet. “Pas wanneer studenten echte casussen zien, ontstaat begrip. Dan kunnen ze zich een voorstelling maken van wat ze in de praktijk tegenkomen.”
Dat geldt in het bijzonder voor aanvalsobservatie. Kleine details in gedrag, beweging, bewustzijn of herstel kunnen cruciaal zijn in het onderscheid tussen epileptische en functionele aanvallen. Die nuance is moeilijk uit een boek te leren. De meerwaarde van Leerhuis Epilepsie zit volgens Margriet precies daar: de trainers delen niet alleen kennis, maar ook praktijkervaring.

Functionele neurologische stoornissen: nog te vaak onbekend

Waar epilepsie een bekend onderwerp is binnen neurologische scholing, geldt dat veel minder voor functionele neurologische stoornissen (FNS). En dat is problematisch, vindt Margriet. “Studenten weten vaak niet precies wat functionele neurologische stoornissen zijn, en weten soms niet eens dat het bestaat.”
Dit gebrek aan kennis kan leiden tot misverstanden en stigma. Patiënten met functionele aanvallen krijgen nog regelmatig te maken met vooroordelen of onbegrip.
“Er wordt soms nog gedacht: het zit tussen de oren, of de patiënt stelt zich aan,” zegt Margriet. “Maar zodra zorgprofessionals begrijpen wat er werkelijk speelt, ontstaat veel meer begrip. Dat begrip is cruciaal voor goede zorg. Functionele aanvallen zijn reëel en kunnen grote impact hebben op patiënten en gezinnen, ook al is het mechanisme anders dan bij epilepsie.”

“Binnen neurologie gaat het vaak vooral over epilepsie. Functionele neurologische stoornissen zijn nog te vaak een ondergeschoven kindje.”

Nieuwe terminologie vraagt om extra uitleg

De overgang van oudere termen zoals PNEA (psychogene niet-epileptische aanvallen) naar bredere terminologie zoals FNS brengt nieuwe uitdagingen met zich mee. Margriet merkt dat studenten hierover vragen hebben. “FNS is veel breder dan alleen aanvallen. Studenten vragen zich af: krijgen we nu scholing over alle vormen van FNS?”
Die verwarring is begrijpelijk. Functionele aanvallen vormen slechts één onderdeel van FNS. Daarom is duidelijke afbakening belangrijk in onderwijs.
Voor kinderverpleegkundigen ligt de relevantie vooral bij herkenning van aanvallen op de afdeling. “Voor onze studenten is het vooral belangrijk dat ze weten dat functionele aanvallen bestaan en hoe die eruit kunnen zien.”

Waarom dit in elke opleiding thuishoort

Margriet raadt andere ziekenhuizen en zorgorganisaties aan om dit onderwerp op te nemen in scholingsprogramma’s. “Ik vind het echt een aanrader om functionele neurologische stoornissen in het onderwijs te verwerken.”
Zeker binnen de opleiding tot kinderverpleegkundige sluit het logisch aan op thema’s zoals psychosomatiek en psychiatrische ziektebeelden. Toch krijgt het onderwerp volgens haar nog te weinig aandacht.
“Binnen neurologie gaat het vaak vooral over epilepsie. Functionele neurologische stoornissen zijn nog te vaak een ondergeschoven kindje.”
Daar ligt volgens Margriet een duidelijke kans voor zorgorganisaties: meer bewustwording creëren, stigma verminderen en zorgprofessionals beter toerusten.

Investeren in betere zorg

Hoewel gespecialiseerde scholing financiële investering vraagt, ziet Margriet de opbrengst duidelijk terug in de praktijk. “Een scholingsprogramma is voor ons een flinke kostenpost,” erkent ze. “Maar inhoudelijk zie ik absoluut de meerwaarde voor onze kinderverpleegkundigen.”

En die meerwaarde reikt verder dan kennis alleen. Het gaat om betere observatie, betere communicatie en betere zorg. En daarmee betaald elke scholing zichzelf gewoon terug.

De belangrijkste boodschap? Niet iedere aanval is epilepsie. En hoe beter zorgprofessionals dat begrijpen, hoe groter de kans op passende begeleiding en behandeling. Zoals Margriet het samenvat: “Meer aandacht voor functionele neurologische stoornissen helpt zorgprofessionals om verder te kijken dan alleen epilepsie. Dat maakt een groot verschil voor patiëntenzorg.”

Lees ook..

In gesprek met inhoudsdeskundige en trainer Stephanie Peters

Praktijkkennis maakt het verschil in epilepsiezorg Epilepsie komt in veel zorginstellingen voor, maar de kennis over het herkennen en begeleiden van aanvallen verschilt sterk tussen zorgprofessionals. Juist daarom speelt scholing een belangrijke rol. Binnen SEIN en...

Alliade over hun ervaring met onze praktijkgerichte scholingen

"Het moet aansluiten bij de praktijk."  Goede scholing is onmisbaar in de zorg, zeker als het gaat om complexe en impactvolle thema’s zoals epilepsie. Bij Alliade staat leren en ontwikkelen dan ook stevig op de agenda. Samen met Leerhuis Epilepsie bouwen zij aan...

Het begint met observeren en herkennen

Het complexe samenspel van autisme, epilepsie én een verstandelijk beperking. Epilepsie en autisme komen met regelmaat samen voor, en die combinatie is nog vaker aanwezig alser ook een verstandelijke beperking speelt. Het vooruitzicht van een mogelijke plotselinge...

Nieuwe open inschrijving: Omgaan met FNS

NIEUW! Op 2, 4 en 12 februari ook als open inschrijving te volgen!  Aanvallen die op epilepsie lijken, maar dat niet zijn, komen vaker voor dan je denkt. Deze aanvallen vallen onder Functionele Neurologische Stoornis (FNS), voorheen bekend als psychogene...

Nieuw! E-learning gedrag en epilepsie

“Verbreed je kennis in de ondersteuning voor mensen met epilepsie.”  In de zorg voor mensen met epilepsie is kennis nooit af. Elke cliënt/patiënt is anders, en gedrag speelt vaak een grotere rol dan op het eerste gezicht zichtbaar is. Daarom lanceert Leerhuis...

Heb je een vraag?

040 – 227 96 17